Categorieën
Babylon

Babylon I: Hammurabi

Het land van deze dynastie: vanaf het begin tot Hammurabi’s troonsbestijging (middelste versie van de standaardchronologie 1792) en het resultaat van zijn verovering bij zijn dood (middelste versie van de standaardchronologie 1750). Zijn zoon Samsu-iluna raakte het grootste deel van deze veroveringen weer kwijt. 1

Intro

Even een ander onderwerp op dit blog: de eerste dynastie van Babylon! De beroemdste van deze serie koningen is Hammurabi, die heel Mesopotamië veroverde en een lange lijst wetten maakte, die bewaard zijn gebleven. Deze wetten waren niet de eerste in de regio; al eeuwen voor hem hadden de Sumeriërs hun eigen versies.

De datering van Hammurabi is in de standaardchronologie erg onzeker. Er zijn vier standaardopties, en allemaal hebben ze hun voors en tegens. Afhankelijk van de optie leefde Hammurabi 250-400 jaar voor Mozes (1446-1406). Mijn chronologie is een stuk korter en daardoor wat dwingender. Van Hammurabi’s dynastie zijn drie links bekend met Egypte, en een met de Bijbel, en dat is genoeg om hem precies te kunnen dateren.

Egypte en Jabin

Mijn chronologie voor deze dynastie begon met drie links vanuit het Egypte van de Tweede Tussenperiode. Dit was een verwarrende periode waar de gebeurtenissen in de standaardchronologie nauwelijks te dateren zijn. Maar in een op de Bijbel gebaseerde chronologie zijn er duidelijke kaders te geven, en kan er juist dankzij deze periode veel worden gezegd over Babylon.

De eerste link is met Hammurabi zelf. Hij was namelijk een tijdgenoot van Zimri-Lim van Mari, die weer een tijdgenoot van Yantin-Ammu van Byblos, die weer een tijdgenoot was van Neferhotep I van dynastie XIII (ca.1428-1417). 2

De tweede link is zo mogelijk nog vager. In de late dynastie XV (-ca.1273) werd een put in hun hoofdstad Avaris opgevuld met afval. Een van de dingen die archeologen daarin vonden was een fragment van een brief uit Babylon, van een van de laatste koningen van deze dynastie, Ammi-saduqa of Samsu-ditana. Met dank aan vondsten uit Amarna en Mari kan worden gezegd dat internationale correspondentie na 20-40 jaar niet meer belangrijk was, en weggegooid kon worden. Als derde is in gebied A/II in Avaris een fragment gevonden van een Akkadische zegelindruk. Dit zegel was ook Oud-Babylonisch; hierop stonden de naam en titels van een hoge ambtenaar uit de tijd tussen Hammurabi en het eind van de eerste dynastie van Babylon. 3

Dit is heel mager, maar de drie aanwijzingen passen bij elkaar en leveren samen een eeuw op, 1475-1375, voor de datering van Hammurabi, waarvandaan de rest van de dynastie ongeveer geplaatst kan worden. En dat is voldoende. Een van Hammurabi’s tijdgenoten was Ibni-Addu, een koning van Hazor; deze kan worden geïdentificeerd met Jozua’s tegenstander Jabin, die tussen 1406-1401 door hem werd verslagen (Joz 11).

Daarnaast is er astronomisch bewijs. De dynastie ging namelijk ten onder kort na een maansverduistering die een halve maand later gevolgd werd door een zonsverduistering (2 december 2021: waarvoor zie deze post) en die combinatie is bijzonder zeldzaam. Doordat Hammurabi een tijdgenoot was van Neferhotep I en Jabin blijven er maar twee mogelijkheden over; 1286 en 1232. Als de verduisteringen van 1232 de gezochte zijn viel Hazor in Hammurabi’s tijd; met 1286 zat Jabin minstens 44-49 jaar op de troon 4. Dat is principe mogelijk. Het is alleen bijzonder lang, omdat Jabin aan het eind van zijn leven nog fit genoeg was om oorlog te voeren (Joz 11:4-5). Ik ga daarom voor 1232. In dat geval is er een bewijsstuk dat daarbij past. Dit is een kleitablet met een serie observaties van de planeet Venus.

Venus

Deze observaties van Venus werden gedaan aan het eind van de dynastie, met als doel om de toekomst te voorspellen; elke observatie werd dan ook gezien als een voorteken, en daar hoort een voorspelling bij. Het originele kleitablet met deze observaties bestaat niet meer, in plaats daarvan moeten we het doen met een aantal kopiën die honderden jaren later werden gemaakt. En daarbij zijn behoorlijk veel overschrijffouten gemaakt. Volgens Peter J. Huber is zelfs zo’n 20-40% van de observaties fout. Ze wijken bovendien regelmatig af van wat door astronomen verwacht kan worden. 5

Er zijn ook historici die de Venusobservaties niet betrouwbaar vinden en ze aan de kant schuiven; over Huber wordt dan gezegd dat hij “still” volhoudt dat het mogelijk is om ze te gebruiken. 6 Als Huber daarentegen gelijk heeft en in de observaties betrouwbare data staan, is het mogelijk om ze te gebruiken. Ik wil ze dan ook minstens een kans geven.

Maar de eerste moeilijkheid is dat onduidelijk is welke koning regeerde tijdens de observaties. Ze worden toegeschreven aan Ammi-saduqa, maar hij wordt op het kleitablet niet bij naam vermeld. Hij is geïdentificeerd op basis van het tiende voorteken: “If Venus sets in the east on the 25th of Addaru, it is the year of the golden throne”. Deze troon wordt dúr-gar genoemd, een woord dat gebruikt wordt in de namen van jaar 8 van Ammi-saduqa èn jaar 21 van zijn opvolger Samsu-ditana. 7 Ondanks dat is er, doordat er maar twee mogelijkheden zijn, wel wat mee te beginnen. Venus doorloopt gezien namelijk vanaf aarde een cyclus van 8 jaar en 4 dagen, wat betekent dat ze na 8, 56 en 64 jaar weer op dezelfde plek aan de hemel staat – alhoewel voor deze observaties een enkele keer 35 jaar later ook mogelijk is. 8 Een goede chronologie van deze dynastie heeft dus ruimte voor deze observaties rond een van deze jaren.

Er is nog een moeilijkheid met deze observaties. Ik kan nergens checken of de overgeleverde datums precies kloppen voor de tijd waarin ik Ammi-saduqa en Samsi-ditana plaats. Ik ben vergeten waar, maar Huber schreef ergens dat hij een programma heeft geschreven dat de datums uit het kleitablet vergelijkt met de gedane observaties. Er bestaan hele tabellen met de locatie van Venus aan de horizon 9, maar dat soort dingen gaan me boven mijn pet. Ik hou het daarom bij Stellarium. Hiermee kan de horizon van Babylon in de juiste jaren worden bekeken en kon ik observaties van Venus doen. Dat was leuk, en het leverde juichmomenten op wanneer Venus in beeld kwam. Maar na een vergelijking van de overgeleverde observatiedatums in de eerste drie jaren van Ammi-saduqa met de vier verschillende belangrijkste standaardchronologieën, waarvan Huber een lijstje met de afwijkingen op de door hem berekende datums geeft 10, en observaties vanuit Stellarium, bleek dat de datums van Stellarium soms wel een maand mis zitten.

Waar het probleem zit weet ik niet. Een en ander wordt ongetwijfeld beïnvloed doordat ten westen van Babylon een woestijn was, en ten oosten bergen 11; aan een vlakke horizon is Venus uiteraard eerder en langer zichtbaar dan achter de bergen. Er zit ook speling in de observaties en de werkelijke zichtbaarheid van Venus. Dat heeft te maken met refractie, licht dat gebogen wordt bij de horizon. Dit verschil kan 1 dag zijn, maar oplopen tot 4. 12 Ook in het eerste millennium v.Chr. zijn er verschillen tussen de in Babylon gedane observaties en de berekende datums. Dat heeft te maken met hoe dicht Venus vanaf de Aarde gezien soms naast de Zon staat. Voor de dagen waarop Venus verdween in het westen en opkwam in het oosten wijken de observaties zo’n 3 dagen af, voor de dagen waarop Venus verdween in het oosten en opkwam in het westen wijkt het zo’n 6-7 dagen af. 13

Ook voor wie de observaties serieus neemt, staan een aantal van hen onder druk. Hunger en Pingree schrijven dat iedereen die voorspellingen 11-21, ofwel de observaties over de jaren 9-17, en voorspellingen 34-37, over de jaren 19-21, gebruikt, de tekst flink moet wijzigen. Gurzadyan nam zelfs aan dat alleen de relatieve opvolging van de boven- en benedenconjuncties bewaard is gebleven op het kleitablet, en niet de precieze maankalender. 14

Ondanks alle onzekerheid kloppen de datums uit Stellarium ongeveer met Hubers berekeningen als het gaat over de vier verschillende belangrijke standaardchronologieën. Er is dus gelukkig wel wat mee te beginnen. Als de gezochte maan- en zonsverduisteringcombinatie vlak voor de val van Babylon die uit 1232 was, zoals ik denk door Jabins vermelding in Hammurabi’s tijd, passen de observaties bij Ammi-saduqa’s tijd – 1283-1263.

Sumu-abum

Sūmû-abum
1531-1518

King List B 15: Sumuabi, koning, 15 jaar. Deze koningslijst is niet erg betrouwbaar, en staat er alleen bij voor de volledigheid.

Kleitablet P365131 noemt al zijn 14 jaren. Daarnaast wordt hij onder andere vermeld op een cylinderzegel van zijn dienaar Daganīila. 16

Hij komt niet voor in kleitabletten uit Babylon, maar wel op kleitabletten uit Dilbat, Kisurra, Sippar en Der. 17 Sumu-abum zou een tijdgenoot zijn van Ilu-shuma van Assyrië (-1610); zie bij hem.

Oorlog

Hij vocht een oorlog van minstens 5 jaar tegen Sumu-El van Larsa (1531-1503), en lijkt van hem te hebben verloren. Sumu-El claimt de overwinning over twee legers van plaatsen die in Sumu-abums handen waren.

Sumu-la-El

Sūmû-la-El
1517-1482

King List B: Sumulail, 35 jaar

Sumu-la-El heerste al toen zijn vader nog leefde. In Sippar wordt hij namelijk als koning vermeld met een variant op jaarnaam 9 van zijn vader (1523). Zijn vader stond boven hem; in IM 4922 kreeg Sumu-abum [x] sjekel goud en een kruik wijn, maar Sumu-la-El alleen een kruik wijn. 18

Al zijn 36 jaar staan op kleitablet P365131. Hij wordt vermeld op drie zegels van zijn dienaren 19 en door zijn nakomeling, Samsu-iluna, die zes forten herstelde die door Sumu-la-El waren gebouwd, en uit zichzelf ruïnes waren geworden. 20

Zijn dochter Šallurtum was getrouwd met Sîn-kāšid, de koning van Uruk. 21

Oorlog

Hij nam de oorlog van zijn vader tegen Sumu-El van Larsa (1531-1503) over, en als je hun jaarnamen vergelijkt won Sumu-la-El.

Zijn jaarnaam 18 (1501) was “the year Iahzir-El was driven out of Kazallu”. Dit is rond de tijd dat een jaar van Erra-imitti van Isin (1506-1500) “the year the wall of Kazallu was destroyed” heette. 22

Jaarnaam 4 van Sin-iddinam van Larsa (1484): “Year the army of Babylon was smitten by weapons”. 23 Varianten van jaarnaam 5 van Sin-iddinam van Larsa (1483) zeggen dat hij Babylon versloeg. 24 In beide jaarnamen noemt Sumu-la-El niets over oorlog. Sin-iddinam kan hem dus echt hebben verslagen.

Sabium

Sābium
1481-1468

King List B: Sabu, zijn zoon, hetzelfde (koning), 14 jaar

Zijn 14 jaar stonden ooit allemaal op kleitablet P365131, maar van de eerste 6 is de naam niet bewaard gebleven. De optelling 14 wel. Ook op P491358 is een optelling 14 voor hem bewaard gebleven.

Van zegels zijn een zoon, Ibbi-Sîn, en vier dienaren bekend. 25 Zijn dood wordt vermeld in een jaarnaam van koning Immerum van Sippar. 26

Oorlog

Jaarnaam 7 (1476) van Sabium is: “Year the army of Larsa was smitten by weapons”. 24 Sin-iqisham van Larsa meldt in jaarnaam 5 (1474) dat hij onder andere Babylon versloeg met wapens 27, maar Babylon moet ook een overwinning hebben behaald, want het enige kleitablet uit Nippur dat gedateerd is op een jaarnaam van een koning van Babylon, komt uit maand IX van jaar 9 van Sabium (1473). 28

Apil-Sin

Apil-Sîn
1467-1450

King List B: Apil-Sin, zijn zoon, hetzelfde, 18 jaar

Zowel P365131 als P491358 geven voor hem 18 jaarnamen. Naast die lijsten is van hem niks bekend. 29

Zijn jaarnamen gaan bijna alleen over wat hij deed voor zijn goden en het bouwen van stadsmuren. Een verfrissende uitzondering hierop is: “Year in which Apil-Sin washed himself / shaved himself”.

Sin-muballit

Sîn-muballiṭ
1449-1430

King List B: Sinmuballit, zijn zoon, hetzelfde, 30 jaar

Zowel P365131 als P491358 noemen voor hem 20 jaarnamen. Zijn zoon Hammurabi noemt zich “machtige erfgenaam van Sin-muballit” 30, en Samsu-iluna meldde dat de muur van Nippur door Sin-muballit was gebouwd. 31

Oorlog

Jaarnaam 13 beschrijft een gebeurtenis uit jaar 12 (1438): “Year the troops and the army of Larsa were smitten by weapons”. Dit is in het midden van een serie oorlogen van Rim-Sin I van Larsa (1459-1400). Wat gebeurde in jaar 15 (1435) staat in jaarnaam 16: “Year the city of Isin was seized”. Rim-Sin had Isin een jaar eerder overwinnen (1436), en deed dat nog eens vier jaar later (1431), waarbij hij een einde maakte aan het koninkrijk Isin.

Hammurabi

Ḫammu-rāpi
1429-1387

King List B: Hammurabi, zijn zoon, hetzelfde, 55 jaar

Kleitablet BM96695 noemt zijn jaren 30-43, gevolgd door jaar 1-6 van Samsu-iluna. Het totaal van deze periode was 20 jaar. 32 P513457 is gebroken, maar de jaren 5-43 zijn bewaard gebleven en worden gevolgd door de vermelding dat [Hammurabi] 43 jaar [regeerde], en de jaren 1-13 van Samsu-iluna. Ook P365131 noemt voor Hammurabi 43 jaar.

Zoals alle koningen uit deze millennia hield hij van grootspraak en breed uitmeten van zijn successen. Hij noemde zich bijvoorbeeld: nakomeling van Sumu-la-El, machtige erfgenaam van Sin-muballit, eeuwig zaad van het koningschap, machtige koning, koning van Babylon, koning van alle Amoritsiche landen, koning van Sumer en Akkad. 30

Het einde van Larsa

Hammurabi maakte onder andere een einde aan het koninkrijk Larsa. ABC 20, de Chronicle of Early Kings, schrijft: “Hammurabi, king of Babylon, mustered his army and marched against Rim-Sin (I, 1459-1400), king of Ur. Hammurabi captured Ur and Larsa and took their property to Babylon. He brought Rim-Sin in a ki-is-kap to Babylon.”

De naam van jaar 31 (1399) herdenkt het verslaan van Larsa. 33 Hammurabi heeft nog vele andere oorlogen gevoerd, maar het is voor mijn chronologie niet nodig om daarover uit te wijden.

Maansverduistering van Mari

In het eponiem (de jaarnaam) Asqûdum, wat jaar 11-12 van Hammurabi is (1419-1418), schreef de waarzegger Asdûqum naar wie het jaar genoemd was, over een maansverduistering: “To my lord speak thus: Thus (speaks) your servant Asqûdum. On the 14th day (of the month), an eclipse of the moon took place. The taking place of this eclipse was evil, (but) the omen for my lord was good and the omens were good for the upper district (meaning the upper part of the Euphrates river valley). Now (from) where my lord is, he should take these omens for his own good and for the good of the city of Mari, and let not the heart of my lord be troubled. Also, would that my lord sends me a response to my tablet so that he will put my heart at ease.” 34 De verduistering was volledig, en niet, zoals weleens verkeerd gelezen is, gedeeltelijk. 35

Mari ligt aan de oostgrens van Syrië. In 1419-1418 waren daar twee maansverduisteringen, maar die van 29 september 1419 was nauwelijks zichtbaar. Het zal daarom de verduistering van 27 maart 1419 zijn, die uitstekend zichtbaar was:

Helaas bleek dit later niet te kloppen. Na een controle van Asqûdums brieven bleek dat geen daarvan gedateerd is, inclusief degene waar gesproken wordt over een maansverduistering. Bovendien is het niet duidelijk aan welke koning van Mari Asqûdum deze brief schreef. 35 Deze maansverduistering staat er alleen omdat, als het toch echt was, er een uitstekende match is.

Relatie met Israël

Hammurabi leefde toen Jozua Kanaän veroverde (1406-1401), maar schreef voor zover mij bekend daar niets over Beide landen lagen, zeker voor die tijd, een best eind uit elkaar. Wel is het waarschijnlijk dat een van Hammurabi’s tijdgenoten, koning Ibni-Addu van Hazor, Jozua’s tegenstander Jabin van Hazor was (Joz 11:1).

Samsu-iluna

Samsu-ilūna
1386-1349

King List B: Samsiiluna, zijn zoon, hetzelfde, 35 jaar

Hij regeerde 38 jaar, volgens kleitabletten P513457 en P365131.

ABC 20, de Chronicle of Early Kings, schrijft dat onder Samsu-ilūna Rim-Sin (II, 1379-1373) in opstand komen, maar Samsu-ilūna kreeg hem eronder.

Relatie met Israël

Hij versloeg Muti-Ḫuršana, een koning die mogelijk in Syrië regeerde, in 1360. Dit is waarschijnlijk Cusjan Risjataïm, de eerste onderdrukker van Israël in het Beloofde Land (1369-1361). In de standaardchronologie is het een grote vraag hoe een koning uit het noorden van Syrië de macht had om Israël te onderdrukken, in de tijd dat Egypte daar de macht had. In mijn chronologie past het uitstekend.

Abi-eshuh

Abī-ešuḫ
1348-1321

King List B: Ebishum, zijn zoon, hetzelfde, 25 jaar

P513457 geeft hem 28 jaar.

Ammi-ditana

Ammī-ditāna
1320-1284

King List B: Ammiditana, hetzelfde, 25 jaar

P513457 is voor hem gebroken, wel bewaard zijn de jaren 31-37, gevolgd door de vermelding dat [Ammi-ditana] 37 jaar [regeerde] en de jaren 1-7 van Ammi-saduqa. Aan het eind staat 37 jaar voor Ammi-ditana vermeld. P513455 noemt al zijn 37 jaarnamen, gevolgd door de eerste 16 van Ammi-saduqa.

Ammi-saduqa

Ammī-ṣaduqa
1283-1263

King List A: [x (jaar) Ammi-saduqa]
King List B: Ammisaduga, hetzelfde, 22 jaar

P513457 eindigt met jaar 17 van zijn regering. Hij heeft langer geregeerd, want het kleitablet met de Venus-observaties loopt tot het eind van jaar 21.

Voor de schatting dat hij op kleitabletten uit Hana, een koninkrijk in Syrië, zo’n 200 jaar voor Tukulti-Ninurta I van Assyrië (1051-1016) wordt vermeld, zie hier.

Samsu-ditana

Samsu-ditāna
1262-1232

King List A: [x (jaar) Samsu-ditana]
King List A: [x (jaar)] Eleven king(s), […] Dyn[asty]
King List B: Samsuditana, hetzelfde, 31 jaar

Van hem zijn minstens 26 jaarnamen bekend, plus een paar fragmenten van jaarnamen. Het is de combinatie van een maan- en zonsverduistering aan het eind van zijn regering die duidelijk maken dat King List B voor hem, net als voor Sabium en Apil-Sin, wèl gelijk heeft. Voor een uitgebreide bespreking van deze verduisteringen, hun plaatsing aan het eind van Samsu-ditana’s regering is namelijk omstreden, zie deze post.

De val van Babylon

In de Babylonische ABC 20, Chronicle of Early Kings, staat: “At the time of Samsuditana the Hittites marched against Akkad.” In de Hethitische Telepinu Proclamation staat: “Later he (Muršili I) went to Babylon, he destroyed Babylon, he repulsed the Hurrians, and he kept the civilian captives of Babylon and its goods in (zijn hoofdstad in Turkije) Ḫattuša.”

De Babyloniërs schrijven niet dat de Hethieten Babylon hebben ingenomen en Telepinu niet dat dit het Babylon van Samsu-ditana was, maar beide teksten passen uitstekend bij elkaar. Muršili maakte dus een einde aan de dynastie van Hammurabi. Hij zou niet meer terugkeren naar Babylon; bij terugkomst in Ḫattuša werd hij vermoord door zijn zwager en diens schoonzoon. 36

Maansverduistering van Tell Muḥammad

Deze verduistering is vermeld op twee kleitabletten uit Tell Muḥammad, bij Bagdad. Het eerste kleitablet noemt de verduistering, de tweede heeft het jaarnaam “38th year after Babylon was resettled”; ze komen uit de maanden nisanu, de eerste maand, en abu, de vijfde. De maansverduistering van de maand abu heeft een onmogelijk dagnummer, 10, waar 14 of 15 verwacht wordt. Er wordt meestal aangenomen dat het na de val van Babylon een aantal jaar heeft geduurd voordat Babylon opnieuw werd bewoond. 37

Er zijn twee mogelijkheden voor deze maansverduistering. De eerste was op 28 februari 1194, precies 38 jaar na 1232, wat zou betekenen dat Muršili meteen na de inname weer vertrok, en Babylon meteen daarna weer werd bevolkt. De andere maansverduistering was op 19 februari 1185, 11 jaar later. Babylon bleef dan 11 jaar onbewoond.

laatste wijziging: 24 mei 2022

  1. By MapMaster – Own work, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=3578442[]
  2. K. A. Kitchen, Byblos, Egypt, and Mari in the Early Second Millennium B.C., in Orientalia, NOVA SERIES, Vol. 36, No. 1 (1967), p. 40, 43[]
  3. Thomas Schneider, Contributions to the Chronology of the New Kingdom and the Third Intermediate Period, in Ägypte und Levante / Egypt and the Levant 20 (2010), p. 401[]
  4. Met 1232 regeerde Hammurabi 1429-1387, met 1286 wordt dat 1483-1441. Jabin was daarnaast een tijdgenoot van Zimri-Lim van Mari; zie de post over Jabin. Zimri-Lim regeerde dan 1412-1396, of 1466-1450.[]
  5. Peter J. Huber, Astronomy and Ancient Chronology, in Akkadica 119-120 (2000), p. 159-176, p. 3-4 in de pdf[]
  6. AEC, p. 304-305, met voetnoot 4[]
  7. Leonhard Sassmannshausen, Babylonian Chronology of the 2nd Half of the 2nd Millennium B.C., in Mesoptamian Dark Age Revisited, Proceedings of an International Conference of SCIEM 2000 (Vienna 8th-9th November 2002) (2004), p. 65[]
  8. Peter J. Huber, Astronomy and Ancient Chronology, in Akkadica 119-120 (2000), p. 159-176, p. 2 in de pdf[]
  9. Bijvoorbeeld op astro.com. Op pagina 105 van die pdf staat de datum van de eerste observatie uit Ammi-saduqa’s tijd, februari 1282.[]
  10. Peter J. Huber, Astronomy and Ancient Chronology, in Akkadica 119-120 (2000), p. 159-176, p. 7 in de pdf[]
  11. John D. Weir, The Venus Tablets: A Fresh Approach, in Journal for the History of Astronomy, Vol. 13 (1982), p. 30[]
  12. V.G.Gurzadyan, The Venus Tablet and Refraction, in Akkadica, v. 124 (2003), p. 13-17[]
  13. Teije de Jong, Astronomical fine-tuning of the chronology of the Hammurabi age, in Jaarbericht “Ex Oriente Lux” 44 (2012-2013), p. 152[]
  14. Boris Banjevic, Ancient Eclipses and Dating the Fall of Babylon, p. 4[]
  15. ANET. p. 271[]
  16. RIME 4, p. 324[]
  17. Wu Yuhong en Stephanie Dalley, The Origins of the Manana Dynasty at Kish, and the Assyrian King List, in Iraq, Volume 52, January 1990, p. 163[]
  18. Wu Yuhong en Stephanie Dalley, The Origins of the Manana Dynasty at Kish, and the Assyrian King List, in Iraq, Volume 52, January 1990, p. 162-163[]
  19. RIME 4, p. 325-326[]
  20. RIMA 4, p. 381-382[]
  21. Fitzgerald (2002), p. 97[]
  22. Fitzgerald (2002), p. 98[]
  23. Fitzgerald (2002), p. 107-108[]
  24. Fitzgerald (2002), p. 119[][]
  25. RIME 4, p. 327-329[]
  26. Fitzgerald (2002), p. 34[]
  27. Fitzgerald (2002), p. 122[]
  28. Fitzgerald (2002), p. 125[]
  29. RIME 4, p. 330[]
  30. RIME 4, p. 346[][]
  31. RIME 4, p. 373[]
  32. Malcolm J. A. Horsnell, Two New Date-Lists of the First Dynasty of Babylon, in Orientalia, NOVA SERIES, Vol. 53, No. 1 (1984), p. 21-24[]
  33. RIME 4, p. 339[]
  34. Boris Banjevic, Ancient Eclipses and Dating the Fall of Babylon, p. 9[]
  35. Teije de Jong, Astronomical fine-tuning of the chronology of the Hammurabi age, in Jaarbericht “Ex Oriente Lux” 44 (2012-2013), p. 158[][]
  36. Trevor Bryce, The Kingdom of the Hittites (2005), p. 98[]
  37. Boris Banjevic, Ancient Eclipses and Dating the Fall of Babylon, p. 12[]

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *