Categorieën
4. Middenrijk

Dynastie XII

Senusret III, die een paar jaar voor de exodus stierf 1

Inleiding

Met dynastie XII begon de grootste bloei van het Middenrijk. Er is een heleboel gebouwd, maar veel is in de loop van de millenia afgebroken of ingestort. Wat onderzoek naar de Israëlieten in hun tijd ook tijdrovender maakt is dat over het Middenrijk minder is gepubliceerd.

Voor de koppeling van Egypte met de Bijbel is deze dynastie erg belangrijk. De stichter, Amenemhat I, was namelijk de farao van de slavernij. Deze dynastie regeerde daarom in de eerste twee hoofdstukken van Exodus. Mozes geeft helaas niet genoeg aanwijzingen om, behalve Amenemhat I, deze farao’s met zekerheid een naam te geven; Mozes schrijft niet wanneer alles precies gebeurde. Elke identificatie met de koningen van XII hangt dus volledig af van de chronologie.

Chronologie

In een eerdere versie van mijn chronologie regeerde de dynastie 50 jaar eerder dan ik haar nu plaats. Mijn nieuwe plaatsing van XII past een stuk beter bij de enige manier om haar tot op het jaar precies te dateren. Dit is een lange serie feestdagen uit de tijd van Senusret III en Amenemhat III, waarvan de precieze datum afhankelijk was van de maanstand. Zij, en door een aantal teksten die bewaard zijn gebleven ook hun voorgangers, kunnen daarom geen jaar worden verplaatst. Voor de details over de feesten, zie hier.

In het Middenrijk begon het regeringsjaar op dezelfde dag als het gewone jaar. Er werd inclusief geteld: een koning die gaandeweg het jaar op de troon kwam telde vanaf de vorige nieuwjaarsdag. 2 Dit maakt dateren een stuk makkelijker dan in latere periodes.

In de chronologie van de AEC is de “only astronomically workable distance” tussen jaar 7 van Senusret III (1481/0, zie onder) en jaar 9 van Amenhotep I (1257/6) 324 jaar. 3 Het verschil met mijn 224 jaar is dat zij de sothisdatums meerekenen op de traditionele manier, en ik deze interpreteer als feestdagen waarvan de datum opnieuw afhankelijk was van de maanstand. Het Egyptische jaar was precies 365 dagen lang en telde geen schrikkeldagen, wat betekent dat het jaar langzaamaan verschoof. Na ongeveer 25 jaar was het weer op dezelfde dagen volle en nieuwe maan. 224 jaar is precies 100 jaar minder dan in de AEC, ofwel vier keer 25. Deze overeenkomst doet me op dit moment denken dat XII niet meer verschoven hoeft te worden.

Co-heerschappijen

De meeste koningen van dynastie XII hadden aan het eind van hun regering een co-heerser. Dat blijkt uit verschillende monumenten, die gedateerd zijn op zowel een jaartal van de oude koning als de nieuwe; zie onder voor de details.

Ondanks die monumenten worden de co-heerschappijen door verschillende egyptologen afgewezen. Het idee van een co-heerschappij zou niet passen bij het Egyptische idee van koningschap, waarin de heersende koning de god Horus is op aarde en de opvolger van zijn overleden voorganger, Osiris. Er zouden dan twee Horussen tegelijk zijn. Ook is er geen enkel koninklijk monument uit dynastie XII dat een co-heerschappij noemt. De 3 dubbele jaartallen zijn dan de datering van twee verschillende gebeurtenissen, zoals het begin en eind van iemands carrière. 4

Meer dan alleen deze 3 monumenten spreken voor de verschillende co-heerschappijen. Een paar voorbeelden: Amenemhat I en Senusret I worden op een architraaf uit Matariya (Heliopolis, nu Caïro) samen nsw bjt en levende Horus genoemd, ofwel heersende koningen. Ook twee andere monumenten noemen hen samen. Op papyrus Berlin 10055 uit Illahun wordt jaar 19 van Senusret III gevolgd door jaar 1 van Amenemhat III, terwijl van Senusret III nog een jaar 39 bekend is. 5 De co-heerschappij van Senusret III en Amenemhat III kan daarnaast worden bewezen door de stand van de maan tijdens hun regeringen; zie hier. Ik ga er daarom vanuit dat de co-heerschappijen echt waren, ook die uit slechts één of twee bronnen bekend zijn.

245 jaar

Volgens Eusebius is het totaal van de dynastie 245 jaar. Dat is bijzonder, want het past niet bij de 182 jaar die je krijgt als je de door hem opgegeven afzonderlijke regeringen bij elkaar optelt. Toch zijn die 245 jaar geen kopieerfout, want ook de Armeense vertaling heeft ze. Het is dus mogelijk dat ze uit Manetho’s oorspronkelijke werk komen en iets zeggen.

Na de dood van Sobekneferu, de laatste van de dynastie, blijven er in Eusebius’ telling 63 jaar over. Als daarentegen de echte regeringslengtes van de dynastie bij elkaar worden geharkt krijg je 229, zodat er nog maar 16 jaar overblijven. En toeval of niet, Amenemhat I wordt door Manetho buiten de dynastie geteld en krijgt van hem 16 jaar. Samen is dat precies 245.

Een andere plek waar Eusebius als enige de echte regeringslengtes heeft bewaard is de optelling van de heersers na Lamaris (Senusret III): “Zijn opvolgers heersten voor 42 jaar.” Het enige wat past zijn opnieuw de echte regeringslengtes. Na de dood van Senusret III regeerde Amenemhat III namelijk nog 29 jaar, Amenemhat IV 9 jaar en bijna 4 maand en Sobekneferu 3 jaar en bijna 11 maand. Samen is dat 42 jaar.

Amenemhat I

Sehotepibre Amenemhat I
1590-22 november 1561

In de koningslijsten:

  • Abydos-lijst: 59. Sehotepibre
  • Karnak-lijst: 17. Sehotepibre
  • Saqqara-lijst: 15. Sehotepibre
  • Turin Canon: [Sehote]pib[re]. Zijn regeringsjaren zijn niet goed leesbaar, maar het was waarschijnlijk 29.
  • Manetho: Ammenemes, 16 jaar. Manetho plaatst hem bij geen enkele dynastie, alleen tussen XI en XII.
  • Eratosthenes: <32. Stammenemes I, 26 jaar>
    Hij is niet aanwezig in de huidige versie van de lijst, maar er mist een eerste Stammenemes en 26 jaar tussen Peteathyres en Stammenemes II. 6
  • Book of Sothis: mogelijk 5-6. Twee koningen, namen niet bewaard gebleven, 72 jaar. Amenemhat I en Senusret I regeerden, tot aan de co-heerschappij van de laatste met Amenemhat II, 71 jaar. Dat kan met 1 verhoogd worden door het gedeeltelijke jaar 30 van Amenemhat I als volledig te tellen.

Zijn hoogst gevonden jaar is 30. 7 Het Verhaal van Sinuhe begint na een korte introductie van Sinuhe met de dood van koning Sehotepibre: “Regeringsjaar 30, maand 3 van akhet, dag 7, de god steeg op naar zijn horizon”; dit is 22 november 1561.

Voor het begin van zijn koningschap, een mogelijke vermelding van een zonsverduistering en een reden waarom Manetho hem slechts 16 jaar geeft, zie Mentuhotep IV (1584-1577).

Relatie met Israël

Amenemhat I is de farao van de slavernij. De geschiedenis van de twee steden die de Israëlieten van deze farao moest bouwen (Ex 1:11) gaat namelijk terug tot op Amenemhat I.

Een verdere bevestiging daarvan is de oorlog in Exodus 1:10, een vers dat een samenvatting geeft van Amenemhats burgeroorlog. Ook past Exodus 1:7, een van de weinige verzen over de periode tussen Jozefs dood in 1805 en de slavernij, uitstekend in de periode voor Amenemhat.

Senusret I

Kheperkare Senusret I
1570-1525

In de koningslijsten:

  • Abydos-lijst: 60. Kheperkare
  • Karnak-lijst: 24. Kheperkare
  • Saqqara-lijst: 16. Kheperkare
  • Turin Canon: [Kheper]ka[re], 45 jaar
  • Manetho: Sesonchosis, de zoon van Ammanemes (Eusebius: Ammenemes), 46 jaar
  • Book of Sothis: zie Amenemhat I

Hij werd door zijn vader aangsteld als co-heerser: op stela Cairo CG 20516 wordt zijn jaar 10 gelijkgesteld aan jaar 30 van Amenemhat I. 8

Zijn hoogst gevonden jaar is 45, wat aansluit bij de Turin Canon. 9 Het verschil met de 46 van Manetho kan de afronding zijn van een aantal maanden dat hij langer regeerde na het einde van jaar 45.

De brieven van Heqanakht 10

In jaar 5 van Senusret I (1566/5) schreef Heqanakht, een onderkoning van Cusj, vanuit het noorden van Egypte een aantal brieven naar zijn huishouden in het zuiden. Deze brieven kwamen nooit aan. Ze werden ongeopend gevonden in de tombe van ene Meseh in Deir el-Bahari en staan tegenwoordig online. Naast dat er dankzij deze brieven veel te zeggen is over de landbouw, economie, taal en samenleving uit die tijd 11, en dat het interessant is om te lezen hoe Heqanakht omgaat met de verschillende leden van zijn huishouden en een paar eruit springende karakters, is het ook een test voor een chronologie. Hij noemt namelijk een aantal maanden in verband met de oogst.

In brief I draagt Heqanakht zijn beheerder Merisu op om hem graan te sturen, tot het seizoen shemu bereikt is. Op dit moment stond de vlas op het land en Merisu krijgt de waarschuwing dat niemand anders dit mag oogsten. I shemu begon in 1566/5 op 16 mei; in deze eeuwen was juni de tijd dat de Nijl meestal overstroomde 12.

In brief II schrijft Heqanakht: “Look, the whole land is dead and you have not hungered. … Half of life is better than death in full. … Look, they’ve started to eat people here.” Hij geeft Merisu opdracht om iedereen minder salaris (graan) te geven vanaf 1 khentekhtai-parti, ofwel II shemu, dat in 1565 begon op 15 juni. Met zo’n reden zal Heqanakht de salarissen slechts kort van tevoren hebben verlaagd. De brief werd dan in I shemu geschreven, tijdens de overstroming. Aan het begin van de brief staat: “Now, has the inundation been very big? Look, our salary has been made for us according to the state of the inundation, which one and all bear.” Dat is ook de conclusie van Hans Goedicke: de overstroming was bezig op het moment dat de brief werd geschreven.

Het eerste deel van brief V is gedateerd op II shemu 9 in jaar 5, 23 juni 1615. Hier wordt de oogst van dat jaar beschreven, volle gerst, emmer en vlas. Dit is een goede datum voor de boekhouding: het oogsten was afgelopen en de overstroming begonnen. Mutaties zullen niet meer volgen.

Account VII noemt de 1020 schoven vlas die Sitnebsekhtu, een van Heqanakhts boeren, had op “the first [of] Emmer-Swell”. Emmer-Swell is I peret, dag 1 was 17 januari 1565. Dat is vroeg, vroeger dan de vlas uit de tijd van de exodus dat eind maart nog op de akkers stond (Ex 9:31), maar niet te vroeg. Na de jaarlijkse overstroming van de Nijl konden de landbouwers vanaf ongeveer 24-26 augustus aan het werk 13 en vlas kan na drieëneenhalve maand al worden geoogst. Half januari is zelfs ruim vier maanden na het begin van de zaaitijd.

Het graan van Cusj

Senusret I zette zijn vaders oorlogen in Cusj voort, en veroverde een flink gedeelte. Op I peret 8 in jaar 18, 30 januari 1552, werd geschreven: “Their life is finished, slain […], fire in the tents […] Her grain cast to the Nile”. 14 Deze datum past bij de oogst van Sitnebsekhtu, want vlas kon gelijk geoogst worden met gerst, maar voor de spelt en tarwe (Ex 9:31-32).

De oogst van Djehutynakht

In de tombe van nomarch Djehutynakht is een afbeelding van een scène waarin vlas wordt geoogst, met de datum IV akhet 23. Djehutynakht wordt vermeld rond jaar 31 van Senusret I (1540/39). Het enige probleem hiermee is dat de scène gekopieerd kan zijn uit een andere tombe. 15 IV akhet 23 was in 1539 2 januari. Dat is nog vroeger dan de datum waarop Sitnebsekhtu de vlas geoogst had, maar kan juist opgeschreven zijn als Djehutynakht een bijzonder vroege vlasoogst meemaakte.

Vlas werd in Egypte geoogst in maart-april 16; op de Juliaanse kalender is dit, in de tijd waarin ik Senusret I plaats, 15 maart-14 mei. Dat is bijzonder vroeg. Het klopt wel met de tijd van de exodus, 25 maart 1446, want tijdens de tien plagen werden het vlas en het eerste graan platgeslagen op de akker (Ex 9:31). Zowel de oogsten van Sitnebsekhtu als Djehutynakht zijn daarom een argument voor klimaatverandering tijdens het Middenrijk.

Amenemhat II

Nubkhaure Amenemhat II
1528-1490

In de koningslijsten:

  • Abydos-lijst: 61. Nebukaure
  • Karnak-lijst: 18. Nebukaure
  • Saqqara-lijst: 17. Nebukare
  • Turin Canon: […], 10+x, 20+x of 30+x jaar
  • Manetho: Ammanemes (Armeense vertaling van Eusebius: Ammenemes), 38 jaar: hij werd vermoord door zijn eigen eunuchen.
  • Eratosthenes: 33. Stammenemes II, 23 jaar
  • Book of Sothis: mogelijk 7. Osiropis, 23 jaar

Hij begon als co-heerser: op stela Leiden V.4 wordt zijn jaar 2 gelijkgesteld aan jaar 44 van Senusret I. Van hem is een jaar 35 bekend. 9 Ik neem daarom aan dat de 38 jaar van Manetho kloppen, alhoewel dat net als bij Senusret I een jaar minder kan zijn geweest, of net als bij Amenemhat IV een jaar meer.

Senusret II

Khakheperre Senusret II
1496-8 april 1477

In de koningslijsten:

  • Abydos-lijst: 62. Khakheperre
  • Saqqara-lijst: 18. Khakheperre
  • Turin Canon: […], 19, 29 of 39 jaar, meest waarschijnlijk 19. Volgens Von Beckerath is dit 19. 17
  • Manetho: Sesostris, 48 jaar: er werd gezegd dat hij 4 cubits, 3 palm en 2 vingerbreedte lang was. In negen jaar veroverde hij heel Asia, en Europa tot en met Thracië. Overal richtte hij monumenten op over zijn veroveringen van de stammen. Op stelae graveerde hij voor een dapper ras de geheime delen van de man, voor een schandelijk ras die van een vrouw, als een teken van schande. Hierom werd hij door de Egyptenaren gezien als de eerste in rank na Osiris.
    Josephus schreef over Sisak, de koning die Jeruzalem plunderde in 926/5: “concerning whom Herodotus was mistaken, and applied his actions to Sesostris”. 18 Waar Josephus dat op baseert is onduidelijk, maar er kan een kern van waarheid in zitten, want volgens Gae Callender had Senusret II een regering van vrede en voorspoed.
  • Erathosthenes: 34. Sistosichermes, 55 jaar
  • Book of Sothis: mogelijk 8. Sesonchosis, 49 jaar

Net als zijn voorgangers begon Senusret II als co-heerser: een stela maakt van jaar 3 ook jaar 35 van Amenemhet II. 19 Een stela uit Toshka dateert uit zijn jaar 8, of mogelijk 9. Dat is ook zijn hoogst bekende jaar. 9

Het lijkt erop dat hij geen co-heerschappij had met zijn opvolger, Senusret III. 9 Maar daar kan je de 19 jaar van de Turin Canon tegenover zetten, die voor deze dynastie niet tegen kan worden gesproken, en dat jaar 19 wordt vermeld in de Kahun-papyri van de tweede vondst. 20 Het kan betekenen dat Senusret II aan het begin van dat decennium een stap terug deed. Zo ging dat eeuwen later in Juda: toen Uzzia melaats werd, moest hij afgezonderd wonen en werd Jotham regent.

Het verschil met Manetho’s 48 is een afrondingsverschil met -9, en het verhogen met maar liefst drie decennia.

Volgens het tempelarchief van Illahun, de pyramidestad van Senusret II, werd op IV peret 14 een feest gevierd dat “uitgaan naar de hemel” heette; dit kan de sterfdatum van Senusret II zijn. 21 In 1478/7, zijn 19e en laatste jaar dat volgens Manetho’s opgave naar boven is afgerond, was dit 8 april.

Senusret III

Khakaure Senusret III
1487-1449

In de koningslijsten:

  • Abydos-lijst: 63. Khakaure
  • Karnak-lijst: 32. Khakare
  • Saqqara-lijst: 19. Khakare
  • Turin Canon: […], 30+1-8 jaar, dus 31-38 jaar
  • Manetho: 8 jaar: hij bouwde het Labyrinth in de Arsinoïte nomos als zijn eigen tombe. Africanus noemt hem Lachares (Lamares), Eusebius Lamaris en de Armeense vertaling van Eusebius weer Lampares.

Van hem is een eerste Heb Sed-festival gevonden, en een jaar 39. 9 Gecombineerd met de 31-38 jaar van de Turin Canon zal hij 38 jaar en een aantal maanden op de troon hebben gezeten.

Hij kan uitstekend worden gedateerd aan de hand van een aantal feesten waarvan de precieze datum afhankelijk was van de maanstand. Dat maakt deze post alleen wel heel lang, dus dat staat op een aparte pagina.

Voor de sothisdatum uit zijn regering, zie hier.

Voor twee datums uit zijn regering waarop de stand van de Nijl wordt gemeld, die argumenten vormen tegen de standaardchronologie, zie hier.

Mozes

Als hij inderdaad in 1486 regeerde, is hij mogelijk de farao die Mozes wou vermoorden in 1486 (Ex 2:15), en degene waarvoor Mozes vluchtte.

Amenemhat III

Nimaatre Amenemhat III
1468-1420

In de koningslijsten:

  • Abydos-lijst: 64. Nimaatre
  • Saqqara-lijst: 20. Nimaatre
  • Turin Canon: […], 40+x jaar
  • Africanus: Ameres, 8 jaar
  • Eratosthenes: 35. Mares, 43 jaar
  • Book of Sothis: mogelijk 9. Amenemes, 29 jaar

(A)meres is mogelijk een versie van zijn prenomen, Nimaatre.

Amenemhat III begon net als zijn meeste voorgangers als co-heerser van zijn vader. In papyrus Berlin 10055, uit Illahun, wordt jaar 19 van Senusret III gevolgd door jaar 1 van Amenemhat. In fragmenten van een inscriptie over Amenemhats kroning staat dat het ritueel werd uitgevoerd door Senusret. 22

Hij regeerde het langst van de hele dynastie. Van hem is een jaar 45 gevonden, maar een jaar 46 uit de Illahun-brieven is waarschijnlijk ook van hem. 23 Ik neem daarom de 8 van Africanus aan als het gezochte eindcijfer, zodat hij in totaal 48 jaar regeerde.

Alle maandateringen uit zijn tijd staan op een aparte pagina.

Hij regeerde tijdens de exodus (1446). In een van zijn inscripties uit het jaar 23 (1446/5) staat mogelijk een verwijzing naar de gevolgen van de exodus voor Yakbim, de farao van de exodus (1446-1445); zie hier.

De khamsin

Een van de koningen van het Middenrijk, mogelijk Amenemhat III, zond in de maand III peret schatbewaarder Harurre naar de mijnen van de Sinaïwoestijn, ook al was het er niet het seizoen voor. “The highlands are hot in summer, and the mountains brand the skin (…) One like us hears the like of (such) marvels, coming at this season. It is ˹…˺ to ˹…˺ for it in this evil summer-season.” Ondanks de hitte slaagde het mijnen, er werd goede kwaliteit bovengehaald, en Harrure kon met zijn mensen in I shemu terug naar huis. 24

In de standaardchronologie regeerde Amenemhat III omstreeks 1800. Harurre was dan tussen 15 mei-12 augustus in de Sinaï, tijdens de zomer. In mijn chronologie regeerde Amenemhat III omstreeks 1450 en was Harurre daar, uitgaande van het jaar 1450, tussen 17 februari-17 mei. Dit is de tijd van de khamsin, een extreem hete en droge wind, die vanuit het zuiden grote hoeveelheden woestijnzand over Egypte blaast. Als de khamsin waait wordt het meestal boven de 45 graden. In de zuidelijke Levant is de wind veranderd in een front met hoge temperaturen – en is het in Egypte minder warm, zoals Harurre beschrijft.

Amenemhat IV

Maakherure Amenemhat IV
1425-6 december 1416

In de koningslijsten:

  • Abydos-lijst: 65. Maakherure. Hij wordt gevolgd door 66. Nebpehtyre = Ahmose I (1290-1265). In deze lijst worden Sobekneferu en de hele Tweede Tussenperiode overgeslagen, net als Akhenaten (1105-1088) en zijn vijf opvolgers.
  • Karnak-lijst: 21. Maakherure
  • Saqqara-lijst: 21. Maakherure
  • Turin Canon: Maakherure, 9 jaar 3 maand 27 dagen
  • Africanus: Ammenemes, 8 jaar

Van hem is een jaar 9 gevonden, maar een “jaar 10 (?)” uit de papyri van Illahun is mogelijk ook van hem. 23 De opgave van de Turin Canon klinkt daarom logisch. Hij zal gestorven zijn op IV akhet 27, wat in 1416 6 december was.

Co-heerschappij met Amenemhat III

Volgens een inscriptie bij Semna, Cusj, was jaar 1 van Amenemhat IV gelijk aan jaar 44+x van Amenemhat III. Het precieze jaar van Amenemhat III is helaas beschadigd; zowel 46, 47 als 48 is mogelijk. Jürgen von Beckerath sluit 46 uit, omdat dat, met de datum I akhet 22, voorkomt in een oorkonde. 25 Daarentegen werden regeringsjaren in het Middenrijk geteld vanaf nieuwjaar, en duurde jaar 1 alleen precies een jaar als iemand gekroond werd op nieuwjaarsdag. 26 Amenemhat IV kan dus in principe al op I akhet 23 in jaar 46 gekroond zijn, zodat jaar 1 = jaar 46. Thomas Schneider vindt jaar 44 ook een optie, hij noemt 47 niet eens. 23

De co-heerschappij van Amenemhat III en IV wordt vaker genoemd dan alle andere co-heerschappijen uit de dynastie, zelfs vaker dan de 19-jarige van Amenemhat III mt zijn vader. Murnane concludeerde, voordat de dubbele datering van III en IV was gevonden, uit die monumenten dat de co-heerschappij maximaal 7 jaar duurde. 27 Ik ga daarom uit van een maximale co-heerschappij, waarbij jaar 1 van Amenemhat IV gelijk is aan jaar 44 van Amenemhat III.

Sobekneferu

Sobekkare Sobekneferu
1416-31 mei 1412

In de koningslijsten:

  • Karnak-lijst: 22. Sobekneferure
  • Saqqara-lijst: 22. Sobekkare
  • Turin Canon: Neferusobekre, 3 jaar 10 maand 24 dagen
  • Africanus: Scemiophris, zijn (Ammenemes = Amenemhat IV’s) zus, 4 jaar

Haar jaar 3 is vermeld in Kumma, in Cusj, en vermeldt de hoogte van de overstroming van de Nijl. 23

Met haar eindigde dynastie XII. Volgens Kim Ryholt lijkt het erop dat ze de Delta al verloren had aan dynastie XIV. 28

laatste wijziging:
6 februari 2023: Senusret III’s datums van de Nijlstand verplaatst
13 maart 2023: nieuwe datering van de co-heerschappij van Amenemhat III en IV
23 maart 2024: toevoeging van het stukje over de co-heerschappijen in de inleiding

  1. By XII Dynasty, Egypt – Brooklyn Museum, No restrictions, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=32388129[]
  2. Jürgen von Beckerath, Nochmals zur Chronologie der XII. Dynastie, in Orientalia, NOVA SERIES, Vol. 64, No. 4 (1995), p. 445-446[]
  3. AEC, p. 489[]
  4. Filip Taterka, The Co-Regency of Thutmose III and Amenhotep II Revisited, in The Journal of Egyptian Archaeology (2019), p. 3[]
  5. AEC, p. 171-173[]
  6. Professor Mac Cullagh, On the Catalogue of Egyptian Kings, Which Is Usually Known by the Name of the Laterculum of Eratosthenes, in Proceedings of the Royal Irish Academy, Vol. 2 (1840-1844), p. 307[]
  7. AEC, p. 174[]
  8. AEC, p. 171[]
  9. AEC, p. 172[][][][][]
  10. Anthony J. Spalinger, Calendrical Evidence and Hekanakhte, in Zeitschrift für Ägyptische Sprache und Altertumskunde 123 (1996), p. 85-96[]
  11. Mattias Karlsson, A Bibliography of Heqanakht Papyri Studies 1922-2015[]
  12. AEC, p. 369-370, noemt de Gregoriaanse datums eind mei en begin juni. In de 17e eeuw viel dit volledig in juni.[]
  13. Gregoriaans 10-12 augustus, in Anthony J. Spalinger, Calendrical Evidence and Hekanakhte, in Zeitschrift für Ägyptische Sprache und Altertumskunde 123 (1996), p. 90[]
  14. Ancient Records, deel I, § 510-512[]
  15. AEC, p. 375-376[]
  16. AEC, p. 376[]
  17. Jürgen von Beckerath, Nochmals zur Chronologie der XII. Dynastie, in Orientalia, NOVA SERIES, Vol. 64, No. 4 (1995), p. 447[]
  18. Flavius Josephus, Antiquities of the Jews, 8.10.2[]
  19. Ancient Records, deel I, § 614-616[]
  20. Ancient Records, deel I, § 460, voetnoot g[]
  21. Jürgen von Beckerath, Nochmals zur Chronologie der XII. Dynastie, in Orientalia, NOVA SERIES, Vol. 64, No. 4 (1995), p. 445-447[]
  22. AEC, p. 172-173[]
  23. AEC, p. 173[][][][]
  24. Ancient Records, deel I, § 735-738[]
  25. Jürgen von Beckerath, Nochmals zur Chronologie der XII. Dynastie, in Orientalia, NOVA SERIES, Vol. 64, No. 4 (1995), p. 446[]
  26. Ryholt (1997), p. 203[]
  27. William J. Murnane, Ancient Egyptian Coregencies (1977), p. 5-20[]
  28. K.S.B. Ryholt, The Political Situation in Egypt during the Second Intermediate Period, c.1800-1550 BC (1997), p. 184-191, geciteerd door John Gee, Overlooked Evidence of Sesostris III’s Foreign Policy, in Journal of the American Research Center in Egypt, Vol. 41 (2004), p. 28[]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *