Categorieën
Assyrië

Midden-Assyrië: Ninurta-apil-Ekurs dynastie

Tiglath-Pileser I, de machtigste koning van deze dynastie. 1 Hij ontmoette mogelijk Salomo.

Inleiding

Met Ninurta-apil-Ekur begon in Midden-Assyrië een nieuwe dynastie, die in verhouding tot de vorige weinig voorstelde. Na een jaar of 50 wordt, met het aantreden van Assur-resha-ishi I, pas wat meer bekend over het land. Zijn zoon en opvolger, Tiglath-Pileser I, stuurde Assyrië naar een nieuw hoogtepunt, maar aan het eind van zijn bijna 40 jaar op de troon raakte Assyrië de veroverde gebieden in het westen weer kwijt.

Na Tiglath-Pilesers zoon Assur-bel-kala was het gedaan met het belang van de dynastie. De laatste vijf koningen zijn meer schimmen, waarvan de laatste zelfs alleen voorkomt in een aantal koningslijsten en een lijst met jaarnamen (de Assyriërs gaven elk jaar de naam van een belangrijke ambtenaar).

Chronologie

Als je uitgaat van de Bijbel blijkt dat niet alleen de chronologie van Egypte met 250 jaar moet worden ingekort, maar ook Assyrië. Voor de manier waarop ik dat bij Assyrië doe heb ik deze post geschreven. Voor specifiek deze dynastie, zie hier. Inkorten betekent niet dat er zomaar 250 jaar geschiedenis kan worden geschrapt; al die mensen hebben geleefd en die gebeurtenissen zijn gebeurd, en moeten dus ook in een ingekorte chronologie een logische plek krijgen. De onderstaande chronologie is naar mijn idee de beste plek voor de dynastie van Ninurta-apil-Ekur. Vanaf Tiglath-Pileser I is namelijk een link te leggen naar het tweede deel van Salomo’s regering (971-931).

De precieze chronologie is berekend met dank aan twee punten. Ninurta-tukulti-Assur wordt een precies aantal jaren na Tukulti-Ninurta I (1051-1016) vermeldt, en Tiglath-Pileser I kan worden geplaatst aan de hand van de Midden-Assyrische kalender. Dit was een kalender met 12 maanden die begonnen wanneer na nieuwe maan de eerste maansikkel weer zichtbaar was. Dat levert een jaar op van ongeveer 354 dagen, ongeveer 11 minder dan het zonnejaar, maar dat is tot de tijd van Assur-bel-kala nooit gecorrigeerd. Dat maakt de kalender een uitstekend beginpunt om de chronologie op te bouwen. Van Tiglath-Pileser I is door een paar opmerkingen op kleitabletten bekend in welk deel van het zonnejaar hij ongeveer regeerde.

Ninurta-apil-Ekur

Jaar 1 begon op 11 oktober 1026
Jaar 13 begon op 2 juni 1014

AKL, Khorsabad: (82) Ninurta-apil-Ekur, son of Ilu-iḫadda, descendant of Erība-Adad, he went to Karduniaš, from Karduniaš he went up, he seized the throne, 3 years he ruled.
AKL, SDAS: (82) Ninurta-apil-Ekur, son of Ilu-iḫadda, descendant of Erība-Adad, he went to Karduniaš, from Karduniaš he went up, he seized the throne, (and) ruled 3 years.
AKL, Nassouhi: (82) Ninurta-apil-Ekur, son of Ilu-iḫad⸢da⸣, descendant of Erība-Adad, he went to Karduniaš, [fro]m Karduniaš he we[nt up,] he seized the throne (and) 13 years [he ruled].

Welke Ili-pada?

Zijn vader heette Ili-hadda, wat ook gelezen kan worden als Ili-pada. Daar zijn er meer van bekend.

Met hem begon een nieuwe dynastie, die net als de vorige afstamde van Eriba-Adad I. Hij noemde zijn vader geen koning: “Ninurta-apil-Ekur, king of the universe, [vice-regent of the god Aššu]r, chosen of the gods Enlil and Ninurta, son of Ili-paddu.” 2 In de standaardchronologie is zijn vader Ili-pada, grootvizier en koning van Hanigalbat onder Assur-nirari III (1012-1007), een nakomeling van Adad-nirari I (1092-1062). En alhoewel Adad-nirari afstamde van Eriba-Adad is het onlogisch dat Ninurta-apil-Ekur zich niet een nakomeling van Adad-nirari noemde. Ook is het vreemd dat hij een afstamming van Adad-nirari niet op de AKL liet vermelden. De vader van Ninurta-apil-Ekur zal daarom een andere Ili-pada zijn geweest.

De goede Ilī-padâ is naar mijn mening degene die leefde in de tijd van Salmaneser I (1080-1052). Hij was de zoon van ene Rīš[…] van wie alleen het eerste deel van zijn naam bewaard is gebleven. Rīš[…] is mogelijk Rīšeya, een broer van de hoge ambtenaar Bābu-aḫa-iddina uit de tijd van Adad-nirari I, Salmaneser I en Tukulti-Ninurta I (1051-1016). Hun vader Ibašši-ilī was een zoon van een eerdere Ilī-padâ, waarschijnlijk een kleinzoon van Eriba-Adad I. 3

Met deze stamboom kon Ninurta-apil-Ekur zich alleen een nakomeling van Eriba-Adad I noemen, en niet van Adad-nirari I, zoals verwacht vanuit de AKL. Ook het aantal generaties past; Assur-dan I, de zoon en opvolger van Ninurta-apil-Ekur, stierf op hoge leeftijd 4. Als Eriba-Adad I rond 1190 werd geboren, wat past bij de datering van zijn nakomelingen zolang ze ongeveer met 20 jaar vader werden van hun opvolger, werd Assur-dan I geboren rond 1050; hij stierf in 979/8, 71/72 jaar oud. Voor de Assyriërs is dat een mooie leeftijd.

Assur-dan I

Aššur-dān I
Jaar 1 begon op 8 september 1023
Jaar 46 begon op 6 mei 979

AKL, Khorsabad en SDAS: (83) Aššur-dān, son of Ninurta-apil-Ekur, ruled 46 years.
AKL, Nassouhi: (83) Aššur-dān, son of [Ninurta-apil-Ekur], for 26[+x] years he ruled.

Nassouhi las in plaats van 26[+x] 36 jaar. 5 ) In deze versie is er genoeg ruimte om zowel [10]+20+6 als [20]+20+6 te reconstrueren. 6 Dat het minstens 38 moet zijn blijkt uit een Distanzangabe van zijn achterkleinzoon Tiglath-Pileser I; zie hier. Uit Angabe 2 en Angabe 3 blijkt vervolgens dat de gezamenlijke tijd van Assur-dan en zijn vader 49 jaar was. Ik heb ze daarom 10 jaar co-heerschappij (1023-1014) gegeven.

Hij wordt vermeld in Assur en Ninevé. 7 Volgens Tiglath-Pileser I bereikte hij een hoge ouderdom. 4

Ninurta-tukulti-Assur

Ninurta-tukultī-Aššur
Jaar 1 begon op 25 april 978

AKL, Khorsabad en SDAS: (84) Ninurta-tukultī-Aššur, son of Aššur-dān, x x he ruled.
AKL, Nassouhi: (84) Ninurta-tuk[ultī-Aššur, son of Aššur-dān], x x he ruled.

Volgens de letterlijke tekst van de AKL heersten hij en zijn broer, Mutakkil-Nusku, beiden voor een ṭuppišu. Dat is een jaar dat niet gelijk loopt aan een kalenderjaar; zie hier.

[..]6 jaar

Volgens Chronicle P stuurde Tukulti-Ninurta I, toen hij Babylon veroverde en plunderde, het beeld van de god Marduk naar Assyrië. Dit beeld bleef daar [..]6 jaar, tot de tijd van Tukulti-Assur, toen het terugkeerde naar Babylon.

Tukulti-Assur is Ninurta-tukulti-Assur. Het getal 6 staat vast, het aantal decennia is helaas weggebroken. Dit zullen Babylonische jaren zijn, want Chronicle P gaat over Babylon.

Tukulti-Ninurta veroverde Babylon aan het eind van jaar 17 of in het begin van jaar 18 8, ofwel winter 1035-1034. In de maanden sîn (IV) en kuzallu (V) van dat jaar was hij afwezig in Assyrië, de maanden die begonnen op 15 april en 15 mei 1034, mogelijk om orde op zaken te stellen in Babylon. 8 Als hij toen het afgodsbeeld naar Assyrië stuurde begon het eerste Babylonische jaar in maart/april 1033, en het 56e in maart/april 978, en was Ninurta-tukulti-Assur in dat jaar aan de macht.

Mutakkil-Nusku

Jaar 1 begon op 14 april 977

AKL, Khorsabad: (85) Mutakkil-Nusku, his brother, fought with him, to Karduniaš deported him; Mutakkil-Nusku held the throne, then he died.
AKL, SDAS: (85) Mutakkil-Nusku, his brother, fought with him, ⸢to Karduniaš⸣ deported [him]; ? ? Mutakkil-Nusku [held the throne, then he died].
AKL, Nassouhi: (85) Mutak[kil-Nusku, his brother, fought] with [him, … (1 regel verwoest) Mutak]kil-N[usku, held the throne th]en he di[ed.]

In de letterlijke tekst van de AKL regeerden zijn broer en hij voor een ṭuppišu. Dat is een jaar dat niet gelijk loopt aan een kalenderjaar; zie hier.

Zijn kleinzoon Tiglath-Pileser noemt hem “Mutakkil-Nusku, whom the god Aššur, the great lord, chose through the selection of his steadfast heart and firmly appointed to the shepherdship of Assyria”. 9

Assur-resha-ishi I

Aššur-rēša-iši I
Jaar 1 begon op 3 april 976
Jaar 18 begon op 1 oktober 960

AKL, Khorsabad: (86) Aššur-rēša-iši, son of Mutakkil-Nusku, 18 years he ruled.
AKL, SDAS: (86) Aššur-rēša-iši, [son] of Mutakkil-Nus[k]u, 18 years he ruled.
AKL, Nassouhi: (86) [Aššur-]rēša-iši, son of Mutakkil-[Nusku, x years] he ruled.

“Aššur-rēša-iši, appointee of the god Enlil, vice-regent of Aššur, etc. etc. etc.; son of Mutakkil-Nusku, vice-regent of Aššur; son of Aššur-dān (who was) also vice-regent of Aššur” schreef dat twee torens van de tempel van Ishtar in Ninevé waren in de tijd van Salmaneser I (1080-1052) beschadigd door een aardbeving, en door Salmaneser hersteld. In de tijd van “[Aššur-d]ān, [king] of Assyria, my grandfather” (1012-978), waren deze torens opnieuw getroffen door een aardbeving, maar kennelijk niet hersteld, want dat werd pas gedaan door Assur-resha-ishi. Dit was kennelijk een grote gebeurtenis, want de tekst is bewaard gebleven in maar liefst 29 versies. 10

In een gefragmenteerde Midden-Assyrische inscriptie staat dat er 132 jaar verstreken tussen de restauratie van een tempel in Assur door [Salmaneser I], en de herbouw door Assur-resha-ishi I. Hierin werden alle tussenliggende koningen in meegeteld. 11 Voor de uitwerking van deze periode, zie hier. Het past bij de hier opgegeven regeringslengtes.

Tiglath-Pileser I

Tukultī-apil-Ešarra I
Jaar 1 begon op 20 september 959
Jaar 39 begon op 2 augustus 922

AKL, Khorsabad en SDAS: (87) Tukultī-apil-Ešarra, son of Aššur-rēša-iši, 39 years he ruled.
AKL, Nassouhi: (87) Tukultī-apil-Ešarra, son of Aššur-[rēša-iši], 7[+x] years he ruled.

Hij schreef Distanzangabe 1 en Angabe 5. Hierin telt hij alle regeringsjaren vanaf Samsi-Adad I (1445-1413) bij elkaar op. De getallen die hij noemt, 60 en 641 jaar, passen alleen als hij alle eerdere koningen op de AKL opsomde. Hij moet dus na hen op de troon zijn gekomen.

Tiglath-Pileser noemt zich de zoon van Aššur-rēša-iši (I), de kleinzoon van Mutakkil-Nusku, de wettige erfgenaam van Aššur-dān (I) en nakomeling van Ninurta-apil-Ekur. 12 Opvallend is dat hij Tukulti-Ninurta (I) zijn voorouder noemde 13, alhoewel dat alleen hoeft te betekenen dat Tukulti-Ninurta zijn voorganger was; zie hier voor een paar voorbeelden waarin familierelaties worden gebruikt voor de beschrijving van voorgangers. Hij was de sterkste koning van Assyrië sinds Tukulti-Ninurta I (1051-1016). Zijn legers marcheerden van Babylon tot Libanon. In Assur werd veel geschreven, zeker in verhouding tot zijn voorgangers is hij goed bekend. 14

Hij wordt door latere koningen genoemd. Assur-dan II (934-912) herstelde de door hem gebouwde en inmiddels vervallen Craftsman’s Gate van Assur 15, en Adad-nirari II (911-891) schrijft dat hij de stad Gidara uit handen van de Arameeërs veroverde, maar dat de Arameeërs Gidara weer in handen hadden gekregen 16. De Craftsman’s Gate werd nogal snel na Tiglath-Pilesers dood hersteld; Assur-dan II stierf slechts 11 jaar later. Het is daarom mogelijk dat hij deze al vroeg in zijn regering bouwde en Assur-dan deze aan het eind van zijn regering herstelde. Dat laatste is mogelijk; de inscriptie is gedateerd op 1 tisjri in het jaar van Ubrutu, zoon van Nazi-Maruttaš. De plaatsting van het jaar is onbekend, maar tisjri is een Babylonische maand en Assur-bel-kala ging waarschijnlijk in jaar 9 (911) over op de Babylonische kalender. Als Assur-dans dynastie dat in hetzelfde jaar deed kan het alleen zijn laatste jaar zijn.

De Babylonische kalender

In Tiglath-Pilesers regering wordt verschillende keren een Assyrische maand gesynchroniseerd met een Babylonische. 17 Samen levert dat in mijn chronologie eenzelfde resultaat op als in de standaardchronologie, alleen in een andere tijd. Joshua Jeffers schat het begin van Tiglath-Pilesers jaar 1 op 1 september 18, Bloch denkt aan 25 september 19; hier is dat 20 september 959. Het levert een logische Babylonische kalender op.

Jaar van Tiglath-Pileser IAssyrische maandBabylonische maandBegin Babylonische jaar
1, begon 20 sep 959XII, 10 aug 958= V14 apr 958
2, begon 9 sep 958I, 9 sep 958= VI14 apr 958
II, 9 okt 958= VII14 apr 958
VIII, 3 apr 957= I3 apr 957
4, begon 17 aug 956V, 14 dec 956= X24 mrt 956
XII, 9 jul 955= V13 mrt 955
5, begon 7 aug 955IX, 1 apr 954= I1 apr 954
XI, 30 mei 954= III1 apr 954
XII, 28 jun 954= IV1 apr 954
6, begon 28 jul 954VII, 21 jan 953= XI1 apr 954
XI, 18 mei 953= III20 mrt 953
7, begon 16 jul 953V, 12 nov 953= IX20 mrt 953
19, begon 7 mrt 941XI, 28 dec 941= X6 apr 941
20, begon 25 feb 940II, 27 mrt 940= I27 mrt 940
22, begon 4 feb 938III, 4 apr 938= I4 apr 938
24, begon 12 jan 936XII, 3 dec 936= IX11 apr 936

Naast deze 16 synchronisaties zijn er nog twee, die in verhouding tot deze 16 allebei een Babylonische maand achterlopen. Een logische verklaring is dat de (Assyrische) schrijver zich vergist heeft. 20 Ik heb ze daarom niet meegenomen in het overzicht.

Meestal wordt gedacht dat Tiglath-Pileser de Babylonische kalender overnam, maar dat klopt niet. De ongeveer twintig teksten uit zijn regering die gedateerd zijn op zowel een Assyrische als een Babylonische maand zijn slechts een fractie van de honderden teksten uit zijn regering. Het enige dat deze synchronisaties duidelijk maken is waar in het Babylonische jaar de maand zich bevond. 21

Na Tukulti-Ninurta I

Gebaseerd op de synchronisaties met de Babylonische kalender en de plaatsing van Tukulti-Ninurta’s jaar 18 in 1034, blijkt dat Tiglath-Pileser ongeveer 11-16 jaar, plus een veelvoud van 33 jaar voor het aantal keren waarin het Assyrische jaar sinds 1034 terugkeerde op zijn schreden, na jaar 18 regeerde. 22 Met twee periodes van 33 jaar is dit samen ongeveer 77-81 jaar; 1034-959 is 78 Assyrische jaren.

Relatie met Israël

Gebaseerd op onder andere een van Tiglath-Pilesers bouwbeschrijvingen ontmoette hij mogelijk Salomo (971-931) in al diens macht en aanzien; zie hier.

Als Tiglath-Pileser gedateerd wordt zoals ik hier doe geeft hij de reden dat Salomo zijn gebieden in Syrië ergens voor zijn dood weer kwijtraakte; zie hier.

Relatie met Egypte

Tiglath-Pileser I veroverde in jaar 5 (955) (een deel van) Musri (Egypte), en kreeg een zending van de koning van Egypte. Dat past uitstekend in mijn chronologie van Egypte; zie hier.

Ashared-apil-Ekur

Ašarēd-apil-Ekur
Jaar 1 begon op 22 juli 921
Jaar 2 begon op 11 juli 920

AKL, Khorsabad en SDAS: (88) Ašarēd-apil-Ekur, son of Tukultī-apil-Ešarra, 2 years he ruled.
AKL, Nassouhi: (88) Ašarēd-apil-Ekur, son of Tukultī-apil-[Ešarra, x] years he ruled.
KAV 21+22: twee limmu’s, [2] jaar

Er zijn geen koninklijke inscripties van hem bekend. 23

Assur-bel-kala

Aššur-bēl-kala
Jaar 1 begon op 1 juli 919
Jaar 9 begon op 5 april 911
Jaar 18 was 902

AKL, Khorsabad en SDAS: (89) Aššur-bēl-kala, son of Tukultī-apil-Ešarra, 18 years he ruled.
AKL, Nassouhi: (89) Aššur-bēl-kala, son of Tukultī-apil-[Ešarra, x+]8 years he ruled.

“Aššur-bēl-[kala, king of the universe, strong king, king of As]syria, son of Tiglath-pileser, king of [the universe], strong [king, king of Assyria], son of Aššur-rēša-iši (who was) also king of the universe, [strong king, king of] Assyria”. 24

Het Neo-Assyrische dialect komt voor het eerst tevoorschijn in de tijd van Assur-dan II (934-912), waarvoor er weinig bewijs is, en Adad-nirari II (911-891). Ondanks dat duikt het dialect volgens Peter van der Veen ook op in kleitabletten uit Giricano (zuidoostelijk Turkije), die gedateerd zijn op het jaar van Ili-iddina, dat op de Broken Obelisk een jaar van Assur-bel-kala is. 25

De overname van de Babylonische kalender

Volgens Joshua Jeffers, die uitgebreid onderzoek deed naar de Midden-Assyrische kalender, werd waarschijnlijk niet bijvoorbeeld midden in een jaar, maar op een logisch punt overgegaan op de Babylonische kalender. Het meest logische punt is wanneer beide jaren precies tegelijk begonnen. Gebaseerd op de synchronisaties uit Tiglath-Pileser I’s regering met de Babylonische kalender komt Jeffers uit op jaar 9 van Assur-bel-kala. 26 Jaar 9 begon op 5 april 911 en zijn laatste jaar, nummer 18, in maart/april 902.

Relatie met Egypte

Hij voerde oorlog tegen de Musru (Egyptenaren) en plunderde hun steden. Voor de mogelijkheid dat hij bedoelde dat hij een deel van het Aziatische deel van Egypte onder Ramses III (937-906) veroverde, zie hier.

Eriba-Adad II

Erība-Adad II
901-900

AKL, Khorsabad: (90) Erība-Adad, son of Aššur-bēl-kala, ruled 2 years.
AKL, SDAS: (90) Erība-Adad, son of Aššur-bēl-kala, 2 years he ruled.
AKL, Nassouhi: (90) Erība-Adad, son of Aššur-bēl-kala, [x] years he ruled.

Hij is de eerste van de vrijwel onbekende koningen van deze dynastie. Hij wordt alleen vermeld in Ninevé en Assur en in de paar inscripties die bekend zijn, noemt hij oorlogen en vijanden zonder specifiek te worden. In een daarvan noemt hij zich de “Son of Aššur-bēl-[kala …] son of Tiglath-[pileser]”. 27

Samsi-Adad IV

Šamši-Adad IV
899-896

AKL, Khorsabad: (91) Šamši-Adad, son of Tukultī-apil-Ešarra, from Karduniaš (Babylon) he came up; Erība-Adad son of [Ilā-kabk]abī he deposed from the throne; he sized the throne (and) ruled 4 years.
AKL, SDAS: (91) Šamši-Adad, son of Tukultī-apil-Ešarra, from Karduniaš he came up; Erība-Adad, son of Aššur-bēl-kala, he deposed from the throne; the throne (and) he sized (and) [ruled] 4 years.
AKL, Nassouhi: (91) ⸢Šamši-Adad⸣, son of Tukultī-apil-Ešarra, [from] Kard[uniaš] he came [up; Erība]-Adad, son of Aššur-bēl-kala, he deposed from the throne; he seized the throne (and) [x] years he ruled.

Hij is bekend van een aantal inscripties uit Assur en Ninevé. In beide plaatsen werkte hij aan de tempel van Ishtar. Meestal worden zijn vader en opa, Tiglath-Pileser (I) en Assur-resha-ishi (I), ook genoemd. 28

Assurnasirpal I

Aššur-nāṣir-apli I
895-877

AKL, Khorsabad: (92) Aššur-nāṣir-apli, son of Šamši-Adad, ruled 19 years.
AKL, SDAS: (92) Aššur-nāṣir-apli, son of Šamši-Adad, [ruled 19 years].
AKL, Nassouhi: (92): Aššur-[nāṣir-apli, son Šamši-Adad, x+]2 years he ruled.

Er zijn geen inscripties die met zekerheid van hem waren. De twee bakstenen uit Assur waarop hij vermeld zou zijn, met de tekst “(Property of) the palace of Ashurnasirpal, king of the universe, king of Assyria, son of Šamšī-Adad (who was) also king of Assyria.” 29, zijn gevonden in een kamer met veel bakstenen van Assurnasirpal II (883-859), en kunnen dan ook worden toegeschreven aan II (883-859). De naam van II’s vader, Tukulti-Ninurta, lijkt in spijkerschrift wel wat op Samsi-Adad. In dat geval is er helemaal niks van I bekend, wat indrukwekkend is met zijn lange regering, en de White Obelisk is dan ook waarschijnlijk niet van hem. 30

Salmaneser II

Salmānu-ašared II
876-865

AKL, Khorsabad: (93) Salmānu-ašared, son Aššur-nāṣir-apli, 12 years he ruled.
AKL, SDAS: (93) […]
AKL, Nassouhi: (slaat Salmaneser II over)

De Nassouhi-lijst slaat hem over, maar noemt hem wel als vader van zijn opvolger, Assur-nirari IV. Dat hoeft niks te betekenen, want de Nassouhi-lijst mist ook Yakmisu en waarschijnlijk ook Sargon I of Puzur-Assur II.

Van hem is niks bekend op militair of bouwkundig terrein. 31 Wel staat een stela van hem in Assur, met de tekst: “Monument of Shalmaneser, great king, king of the universe, king of Assyria, son of Ashurnasirpal, king of Assyria, son of Šamšī-Adad (who was) also king of Assyria.” 31

Assur-nirari IV

Aššur-nārārī IV
864-859

AKL, Khorsabad: (94) Aššur-nārārī, son of Salmānu-ašared, ruled 6 years.
AKL, SDAS: (94) [Aššur-nārārī, son of Salmānu-]ašared, [6 years he rul]ed.
AKL, Nassouhi: (94) Aššur-nārārī, son of Salmānu-ašared, [x+]2 years he rul[ed].

Voor zijn datering, zie zijn vader.

Van hem en Aššur-rabi II (1012-972, zijn opvolger in de standaardchronologie) zijn geen koninklijke inscripties bekend. Een stela uit de rij stelae in de hoofdstad, Assur, zal van een van hen zijn, omdat hij werd gevonden tussen de stelae van Salmaneser II en Assur-resha-ishi II, de opvolger van Assur-rabi II. 32 Deze stelae moeten dan wel geordend zijn op volgorde van de koningen in de AKL.

De Nassouhi-lijst gaat na hem verder met de andere dynastie, en eindigt met Tiglath-Pileser II (966-935). Dit is de laatste van de andere dynastie die nog ondergeschikt was aan Ninurta-apil-Ekurs lijn. In de tijd van Tiglath-Pilesers opvolger, Assur-dan II (934-912), werd deze andere dynastie de hoofdlijn. De Nassouhi-lijst laat dan het einde van Ninurta-apil-Ekurs dynastie zien.

laatste wijziging: 11 mei 2022

  1. By Carl Friedrich Lehmann-Haupt, 1861-1938, Public Domain, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=91417754[]
  2. RIMA 1, p. 303[]
  3. Eva Cancik-Kirschbaum, Nebenlinien des assyrischen Königshauses in der 2. Hälfte des 2. Jts. v. Chr., in Altorientalische Forschungen 26 (1999), 2, p. 212, 214, 219. De identificatie van Rīšeya als broer van Bābu-aḫa-iddina, hun vaders heetten allebei Ibašši-ilī, is van Nel Weggelaar en Jan Kort, The Assyrian King List, Chronology and the Dark Ages in the Ancient Near East (2018), p. 9[]
  4. RIMA 1, p. 27[][]
  5. Graham Hagens, The Assyrian King Kist and Chronology: a Critique, in Orientalia, NOVA SERIES, Vol. 74, No. 1 (2005), p. 28[]
  6. Jeffers (2017), p. 162, voetnoot 34[]
  7. RIMA 1, p. 305[]
  8. Bloch (2012), p. 274[][]
  9. RIMA 2, p. 27[]
  10. RIMA 1, p. 309-311[]
  11. Nadav Na’Aman, Statements of Time-Spans by Babylonian and Assyrian Kings and Mesopotamian Chronology, in Iraq, Vol. 46, No. 2 (Autumn, 1984), p. 117; in RIMA 1, p. 320, blijkt dat de naam Salmaneser I een reconstructie is[]
  12. RIMA 2, p. 27-28[]
  13. RIMA 2, p. 44[]
  14. RIMA 2, p. 5[]
  15. RIMA 2, p. 138[]
  16. RIMA 2, p. 150[]
  17. Jeffers (2017), p. 254-257[]
  18. Jeffers (2017), p. 189[]
  19. Bloch (2012), p. 385[]
  20. Jeffers (2017), p. 155, met voetnoot 21[]
  21. Jeffers (2017), p. 184[]
  22. Bloch (2012), p. 371[]
  23. RIMA 2, p. 85[]
  24. RIMA 2, p. 108[]
  25. Bernard Newgrosh, The Chronology of Ancient Assyria Reassessed, An Update, in Journal of Ancient Chronology Forum, p. 111[]
  26. Jeffers (2017), p. 184-188[]
  27. RIMA 2, p. 113-116[]
  28. RIMA 2, p. 118-119[]
  29. RIMA 2, p. 123[]
  30. Robert M. Porter, Ashurnasirpal I’s Supposed Brick Inscription, in N.A.B.U. (2020), No 1 (mars), p. 56-58[]
  31. RIMA 2, p. 124[][]
  32. RIMA 2, p. 125[]

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *